Pahlawan2 / Strijders

Tewas / gesneuveld 11-06-1977
de Punt

Max J. Papilaja

16-01-1952
Schattenberg

George A. Matulessy

30-07-1956
Schattenberg

Hansina F. Uktolseja

08-10-1955
Schattenberg

Dominggus Rumahmory

22-03-1960
Schattenberg

Ronald L.P. Lumalessil

20-08-1957
Schattenberg

Matheos Tuny

28-12-1951
Schattenberg

Aanleiding

Op 23 mei 1977 brachten Molukse actievoerders treinstel 747 bij de Punt tot stilstand en eiste wereldaandacht voor hun verlangen naar vrijheid. Een gijzelingsactie die bijna drie weken duurde en uiteindelijk op 11 juni door Nederlandse militairen werd beëindigd. Met als resultaat 8 doden: 6 actievoerders en 2 gegijzelden.

Anno 2014 zijn de beelden en het geluid van de nabranders van de Starfighters en het mitrailleurvuur nog steeds in onze herinneringen gegrift. Het gebruik van buitensporig geweld en het sterke vermoeden van bewuste liquidatie van de actievoerders roept nog steeds om een gerechtelijk onderzoek. De vele onbeantwoorde vragen rondom de ‘geweldsinstructies’ hebben de nabestaanden en direct betrokkenen doen besluiten om op zoek te gaan naar de antwoorden, waarop zij recht hebben.

‘Air Mata Kebenaran’, het rapport van onderzoeksjournalist Jan Beckers i.s.m. Junus Ririmasse en Nona Lumalessil heeft ertoe geleid dat er Kamervragen werden gesteld waardoor minister Opstelten van Veiligheid en Justitie een justitieel archief onderzoek gelastte naar onrechtmatig handelingen van mariniers tijdens de bevrijdingsactie. Er is echter nog veel onduidelijk. Nu, 37 jaar na dato is het momentum aangebroken om de onderste steen boven te krijgen. Nabestaanden, de Molukse gemeenschap, maar ook de Nederlandse samenleving, hebben het recht om te weten wat er op 11 juni 1977 precies gebeurd is.

  • Deze website is een initiatief van de families Papilaja, Tuny en Uktolseja

    Hoofddoel van deze website is om de Molukse achterban, sympathisanten en andere geïnteresseerden te informeren over de (gerechtelijke) procedure tegen de Nederlandse Staat. Op deze manier willen we voorkomen dat er over deze zaak allerlei halve waarheden en onwaarheden de ronde (blijven) doen. Mocht u specifieke vragen hebben, dan kunt u die stellen via het contactformulier. Wij nemen dan zo spoedig mogelijk contact met u op.

    Ten behoeve van de behartiging van de belangen van de nabestaanden is op 18 maart 2015 een stichting opgericht met de naam Lawa Mena Hau Lala.

Informatie

Naar aanleiding van het rapport Air Mata Kebenaran hebben enkele nabestaanden en een direct betrokkene besloten om een procedure te starten tegen de Nederlandse Staat vanwege onrechtmatig handelen.
Centraal in deze procedure staat het onrechtmatig handelen van de Nederlandse Staat tijdens en na de beëindiging van de treinkaping op 11 juni 1977. Het onrechtmatig handelen van de Nederlandse Staat bestaat uit vijf hoofdelementen:
  1. Opzettelijke levensberoving
  2. Disproportioneel geweldgebruik leidend tot de dood en ernstige verwondingen
  3. Schieten op lijken
  4. Gebruik van verboden munitie
  5. Achterhouden c.q. vervalsen van informatie

Actueel

Op 5 november 2014 heeft advocaat mevr. L. Zegveld namens de eisers (5 nabestaanden en een direct betrokkene) een civielrechtelijke aansprakelijkstelling gestart tegen de Nederlandse Staat inzake de dood van hun familieleden. Op 10 februari jl. kwam de ministerie van Veiligheid en Justitie met een reactie: op basis van de uitkomsten van het justitieel archiefonderzoek is zij van oordeel dat er geen grondslag voor aansprakelijkheid aanwezig is . Daarbij heeft zij zelfs een beroep op verjaring gedaan. Een en ander betekent dat ons een lange juridische strijd te wachten staat. De betrokken families hebben aangegeven hoe dan ook door te gaan met de gerechtelijke procedure(s).


Gerechtelijke procedure vs RMS ideaal

De komst van de Molukkers in Nederland in I950, betekende de komst van een bevolkingsgroep die ontzettend teleurgesteld was, zich in de kou gelaten en zich door de Nederlandse regering verraden voelde. Als in de jaren daarna bleek dat politieke en economische belangen tussen Nederland en Indonesië de terugkeer naar de Molukken onmogelijk maakte, kreeg het voorlopig verblijf een permanent karakter.

In 1966 werd – na 3 jaar van gevangenschap - RMS-president Soumokil door een Indonesisch vuurpeloton geëxecuteerd. Als reactie daarop werd in Nederland een RMS-regering in ballingschap gevormd. Deze periode luidde ook het begin in van een radicaliseringsperiode waarbij Molukse jongeren, in hun de strijd voor een onafhankelijke RMS, zich lieten inspireren door andere bevrijdingsbewegingen in de wereld. Een opeenhoping van frustraties, jarenlange ontkenning en tegenwerking door de Nederlandse regering leidde ertoe dat Molukse jongeren zich van vreedzame demonstraties en acties afwendden en naar steeds gewelddadiger middelen zochten: vijf opeenvolgende gijzelingen en treinkapingen in de jaren ‘70, met als cumulatiepunt de treinkaping in kwestie.

Tegen deze achtergrond moet de Molukse vrijheidsstrijd gezien worden: de drang van een volk dat zich, in zijn legitieme verlangen naar politieke onafhankelijkheid, wil ontworstelen aan zijn koloniaal verleden. De treinkaping bij De Punt was een gevolg van de vrijheidsstrijd die binnen de toenmalige politieke context werd gevoerd.

In deze (gerechtelijke) procedure wordt het verband tussen de actie en de politieke motieven die daaraan ten grondslag liggen toegelicht. Echter de politieke motieven zullen in de procedure niet als doorslaggevende overwegingen meegenomen worden. De procedure behandelt niet de politieke motieven van de actievoerders, maar heeft de volgende doelstellingen:


  • Waarheidsvinding - hoe luidden de ‘geweldsinstructies’ en wat is er onder wiens verantwoordelijkheid precies gebeurd in en rondom de trein op 11 juni 1977;
  • Rechtvaardigheid - er dient door de Nederlandse regering verantwoordelijkheid afgelegd te worden als er iets onrechtmatig heeft plaatsgevonden.

De eisers zullen dan ook hun volledige aandacht en energie richten op het realiseren van deze doelen. Een en ander betekent niet dat het proces niet politiek begeleid kan worden. De eisers zien voor de RMS-regering in ballingschap een rol weggelegd om het politieke aspect warm te houden en de Nederlandse regering te wijzen op de politieke consequenties van deze zaak. Wij juichen elk initiatief toe vanuit de RMS-regering om deze procedure te gebruiken ter ondersteuning van de RMS-strijd of om deze procedure te gebruiken als katalysator voor de jongere Molukse generaties in hun (her)oriëntatie naar hun (politieke) identiteit.

Support

Uw financiële steun is méér dan welkom. De hoogte van uw gift bepaalt u zelf. Uw donatie kunt u overmaken op bankrekeningnummer NL 41 ABNA 0626694124 t.a.v. Stichting Lawa Mena Hau Lala te Bovensmilde. Wilt u liever anoniem doneren? Neem dan contact met ons op ter bespreking van de mogelijkheden! Elke financiële bijdrage (met of zonder naamsvermelding) wordt op de site geplaatst!

Acties

Laatste nieuws

Neem contact op